The duty of the opposition

25 september 2009
Sven Gatz

 

Ik sta voor de intrigerende taak om Open Vld de komende weken, maanden (en jaren J) als oppositiepartij op de kaart te zetten in het Vlaams parlement. Dat dit na tien jaar regeringsdeelname een grote omwenteling in onze geesten inhoudt hoef ik u niet uit te leggen. Ik werd daar trouwens nog deze week tijdens het Opeldebat door de huidige meerderheidspartijen op een treiterige manier aan herinnerd. Ach, ik heb hen geantwoord dat er wel een z in mijn naam zit, maar dat het wel de z van Gatz is en niet die van Alzheimer en dat ik heus wel weet dat wij de voorbije twee legislaturen het beleid in Vlaanderen mee vorm gegeven hebben. Dit deuntje zullen ze ongetwijfeld nog eindeloos herhalen, maar hoe vaker ze ons dat voor de voeten werpen hoe sneller ze het wellicht beu zullen worden. Het is voor een meerderheidspartij trouwens ook een beetje een mager excuus als men zelf weinig te vertellen heeft.

Wij zullen dus geduld moeten hebben en geduld hebben we.

Als je ziet hoe Caroline Gennez nu al Kris Peeters potentatengedrag verwijt in het Antwerps referendum over de Lange Wapper, als je meer dan eens leest hoe N-VA en Sp.a elkaar in de haren zitten over hetzelfde dossier dan kan ik enkel besluiten dat de romance tussen Bart en Caroline al enkele barsten begint te vertonen. Zo gaat dat met zomerliefdes zeker?

Toch zullen we met Open Vld niet enkel inhakken waar nodig op de zwakke plekken in deze coalitie. U zal van ons op gezette tijden ook eigen en onderbouwde voorstellen mogen verwachten over hoe wij het dan wel zouden aanpakken. The duty of the opposition is not only to oppose, but most certainly also to propose.