Na maanden, jaren zelfs, van politieke instabiliteit heb ik maandag 1 juli 2002 besloten om lid te worden van de VLD. Ik ben dus een overloper, en met overlopers dient men geen medelijden te hebben. Maar mits de nodige toelichting kan men wel begrip opbrengen voor mijn keuze voor de VLD.
Op deze website kan u onder de rubriek autobiografie een uitgebreide uiteenzetting vinden van mijn politiek engagement en loopbaan.
In onderstaande mededeling wil ik mijn laatste stap toelichten.
DE BREUK MET SPIRIT EN DE KEUZE VOOR DE VLD
1. De breuk met Spirit
Er is één constante in mijn politieke loopbaan. Ik geloof in het nut van een links-liberale stroming in Vlaanderen, zowel electoraal, startegisch als inhoudelijk. Mijn alternatief voor het VU&ID-debacle was het ombouwen van de alliantie tot een Vlaams D66. Ik heb velen, al dan niet met succes, trachten te overtuigen dat een links-liberale wending samenviel met de maatschappijvisie van de VU, ID of Spirit. Ik heb ook trachten aan te tonen dat onder bepaalde voorwaarden zoals het behoud van de solidariteit met Wallonië en het respect van de individuele identiteitsbeleving, het links-liberalisme het goede vehikel was voor een democratisch streven naar Vlaamse autonomie waar ik evenzeer aan gehecht blijf.
Zoals bekend was er binnen VU&ID geen ruimte meer om tot een gezamenlijke visie te komen. De totaal verschillende politieke ontwikkelingen van NV-A en Spirit getuigen hiervan. Ik heb me in november 2002 dan ook voor 100% achter het Spirit-project geschaard. Ik heb heel lang in de meerwaarde en de overlevingskansen van Spirit geloofd. Bij de opstart was er zelfs een zeker draagvlak om de partij rond het etiket “Links-liberaal” op te bouwen. Een aantal veto’s hebben dit belet. Ik betreur dat dit nooit volledig werd uitgepraat, maar ik kon daar toen mee leven. Er bleef inderdaad ruimte om het links-liberaal profiel via politieke actie en initiatieven te laten doorsijpelen naar de publieke opinie. Dat Patrik Vankrunkelsven op wie ik het meest kon steunen hiervoor naar de VLD ging was een “zware klap” om het in de nu gebruikelijke politieke terminologie te stellen. Patrik werkte mee aan de studiedag die ik over links-liberalisme organiseerde in 2000 en het boek dat daarop volgde in 2001.
Ook na dit voorval bleef ik nog geloven in Spirit. Misschien was de kartel- formule met SP.A wel een goede piste. Na afloop van het weekend dat het bestuur van Spirit hierover had op 28 en 29 juni, zag ik het echter niet meer zitten. Het werd me duidelijk dat deze piste enkel inhoudelijk gedragen werd door een aantal jongeren, maar dat er onvoldoende steun was om binnen dit kartel de Spirit-poot als afzonderlijke component volwaardig uit te bouwen en in stand te houden. Van de overblijvende mandatarissen waren er enkele die hun overstap naar Agalev al hadden aangekondigd en een aantal anderen die er gewoon mee stoppen. De hele operatie leek me meer en meer op een uitweg naar de SP.A. Ik vind dit niet oneervol, maar kon me er persoonlijk niet in vinden. Ondanks mijn respect voor een aantal SP.A-kopstukken kan ik me niet vinden in het SP-apparaat. De Spiritmandatarissen waar ik inhoudelijk het meest affiniteit mee heb waren weg en Bert Anciaux met wie ik een jarenlange politieke verbondenheid mee heb en een groot respect voor heb, heeft te weinig voeling voor een aantal van mijn inzichten en vroeg te veel inhoudelijke flexibiliteit. Het is een pijnlijke breuk, maar een logische breuk.
2. Waarom de VLD
Als Links-liberaal heb ik inhoudelijk aanknopingspunten met zowel rood, groen als blauw, maar ook duidelijke verschilpunten. Mijn keuze voor de VLD was geen keuze door uitsluiting, maar een vrij voor de hand liggende keuze. In Brussel nam ik in 1999 samen met de VLD deel aan de gewestverkiezingen. De samenwerking binnen de VLD-VU-fractie en later VLD-Spirit-fractie loopt goed. Ik heb in Brussel ervaring met een VLD met een eerder progressieve inslag en met vooral openheid naar de thema’s waar ik mee bezig ben. Ik besef wel degelijk dat ik ook lid ben van een nationale VLD waar soms andere inzichten zijn in communautaire, maatschappelijke, ecologische of sociaal-economische thema’s. Ik denk aan dossiers over ruimtelijke ordening of het migrantenstemrecht. Maar dit geldt voor elke partij. Met mijn keuze voor de VLD maak ik dus duidelijk de keuze om binnen een grote partij mijn bescheiden, maar vastberaden progressieve stempel te drukken. Ik weet nu ook dat ik daar zeker niet alleen zal staan, maar met Patrik Vankrunkelsven en anderen heel wat inzichten deel.
Sven Gatz
Vlaams en Brussels volksvertegenwoordiger
|